Albert Willem Van Renterghem (1845 -1939) was voorbestemd om als huisarts in Goes zijn vaders voetsporen te volgen. Tussen 1867 en 1877 diende hij als officier van gezondheid bij de marine en in zijn verloftijd studeerde hij medicijnen. Na zijn artsexamen vestigde de jonge dokter zich eerst in Heinkenszand. Later nam hij de praktijk van zijn vader in Goes over. Hij was ambitieus en stond open voor nieuwe vindingen in de geneeskunde. In 1887 diende zich zo’n noviteit aan in de vorm van het hypnotisme. Na lezing van ‘Le somnambulisme provoque’ van de Franse hoogleraar Dr. Beaunis raakte Van Renterghem zo onder de indruk dat hij besloot het hypnotisme verder te onderzoeken en voorzichtig toe te passen op enkele patiënten. Zoals hij verwachtte speelde zijn onervarenheid hem parten en liet het resultaat te wensen over. Toch zag hij genoeg om te besluiten dat het hier om een belangrijk en veelbelovend werkterrein van de geneeskunde ging. In zijn autobiografie schreef hij later:

Spreekkamer van Renterghem

Spreekkamer van dokter Van Renterghem. In de spiegel boven de schoorsteen is de toegangsdeur te zien. Rechts van het bureau staat de divan.

‘Ik had er eene zeer drukke werkkring en was eenigszins huiverig om mij zelven te benadeelen in den goeden dunk mijner clientèle door het verrichten van experimenten met hypnose en suggestie op mijne patiënten. Zooveel mogelijk deed ik dan ook enkele proefnemingen in het geheim en een goed deel der minder gunstigen uitkomsten die ik verkreeg, is dan ook stellig wel aan deze omstandigheid toe te schrijven. Zoo herinner ik mij maar al te goed het volgende feit. Een man van middelbaren leeftijd, lijdende aan den hypochondrischen vorm van neurasthenie, dien ik reeds geruimen tijd zonder eenig gunstig gevolg had behandeld, had er in toegestemd zich door mij te laten hypnotiseeren, edoch buiten medeweten van zijne vrouw. Ettelijke dagen lang, ‘snamiddags tusschen 1 en 2 ure had ik hem, in mijne studeerkamer in een luien stoel gelegen, gehypnotiseerd. Hij was in een lichten slaaptoestand gekomen en mijne suggesties hadden hem zooveel goed gedaan, dat (om zoo te zeggen) al zijne klachten hadden opgehouden. ‘Mijn patiënt was al even verbaasd over dit gevolg als zijn geneesheer en kon weer aan den arbeid gaan. Een weinig overmoedig door dien goeden uitslag, gaf ik hem verlof den prachtigen uitslag van de kuur aan zijne vrouw mede te deelen en haar ook te zeggen op welke ongewone wijze de beterschap was verkregen. Maar die overmoed kwam mij duur te staan! Ik zag of hoorde de volgende drie dagen niets van patiënt en besloot op mijne dagelijksche tournee hem aan huis eens te bezoeken om naar zijn welstand te vernemen, in de meening dat zijne vrouw mij stellig dankbaar zou zijn voor het herstel van haar broodwinner en mij hupsch ontvangen zou. Doch binnentredende in de woning, zag ik den man te bed, kermend en klagend en de vrouw, zoodra ze mij zag, overlaadde mij met verwijten en verbood me beslist haar man toe te spreken of aan te raken. Zij wilde zich niet met die duivelskunsten inlaten en zou ook wel zorg dragen dat haar man in ‘t vervolg geen voet meer over mijn drempel zette. Hij was veel erger ziek dan ooit te voren, ik ging met de zwarte kunst om. Zij had nu een geschikte dokter gevonden (een mijner collega’s), die mijne handelingen ten zeerste afkeurde, enz. enz. Eerst dacht ik bij den patiënt nog eenigen steun te vinden, doch weldra bleek me dat de suggesties van zijne vrouw dieper indruk op hem maakten dan de mijne. Er bleek me dan ook niets te doen over dan het veld te ruimen”

In de leer bij Liébeault

Het incident is voor Van Renterghem aanleiding verdere scholing te zoeken in de suggestieve therapie. Hij  vraagt daarom per brief aan Dr. Liébeault in Nancy om in diens kliniek les te krijgen. Al in april van hetzelfde jaar reist hij voor een paar weken af naar Nancy. Daar leert hij vooral de praktische kneepjes van het vak en besluit na terugkomst niet langer in het geniep de suggestietherapie toe te passen.

De eerste hypnose therapie spreekkamer in Nederland

Terug in Goes richt hij zijn polikliniek in op de eenvoudige wijze zoals hij dat zag bij Liébeault. De patiënten ontvangt hij in een vrij grote langwerpige studeerkamer die tegelijkertijd dienst doet als wachtkamer en spreekkamer. Het meubilair bestaat uit het meest noodzakelijke en is uiterst sober. Een gemakkelijke armstoel voor de patiënt staat met de rug naar het enige venster tegen een van de korte wanden. Verder staat er een tafeltje waarop het ziekenregister, wat schrijfbenodigdheden en enkele instrumenten voor diagnostisch onderzoek liggen. Dokter Van Renterghem zit tijdens de behandeling op een klein bankje. Links en rechts tegen de muren staan zoveel mogelijk stoelen voor patiënten, begeleiders en nieuwsgierigen. Al snel dient zich een patiënt aan die voor de nieuwgeleerde therapie in aanmerking komt. Het is een bejaarde boer die Van Renterghem drie jaar behandelde voor een zeer ernstige croupeuse pneumonie en wiens onbeperkte vertrouwen hij geniet. De man klaagde al vaker over een hardnekkige pijn bovenin de linker borsthelft. Er zijn geen sporen van eerdere aandoeningen of andere afwijkingen, de man is verder gezond. Van Renterghem stelt de man voor zich door de slaap te laten genezen. Enthousiast vertelt hij over de wonderen die hij zag in Nancy. Tot zijn eigen verbazing en genoegdoening komt de man al na enkele ogenblikken in een zeer diepe slaap en kan hij de benodigde suggesties, de man is zeer hardhorend, in het oor schreeuwen. Aangevuurd door dit succes gaat Van Renterghem voort met suggestietherapie aan het ziekbed. Al snel maakt hij naam in Goes en omstreken en is hij genoodzaakt een vast spreekuur voor hypnotische behandelingen te houden. Later schrijft hij daarover: “… een spreekuur dat allengskens zoo druk bezocht werd, dat ik nauwelijks tijd meer vinden kon om mijne gewone loopende en buitenpraktijk naar behooren te verrichten. Drie maanden na mijn terugkeer uit Nancy begon ik mijne seances ‘s voormiddags 11 ure en was tot 5 ure ‘s namiddags aanhoudend bezig. In dat tijdsverloop behandelde ik tusschen 40 en 50 patiënten. Als men nagaat, dat ik tusschen 8 en 11 ‘morgens mijne visites in de stad maakt en ‘avonds na een haastig middagmaal uitreed om in den omtrek mijne patiënten te bezoeken, daarbij nu en dan nog een accouchement moest waarnemen, dan is het duidelijk, dat ik of mijn spreekuur voor psychotherapie of de gewone praktijk er aan geven moest.”

Instituut voor psychische therapie

Een van de vele nieuwsgierigen die zich bij Van Renterghem meldt is de Bussumsche arts en schrijver van onder meer ‘De kleine Johannes’ Frederik Van Eeden. Deze promoveerde het vorig jaar op zijn dissertatie over ‘de kunstmatige voeding bij teringlijders’. Daarvoor was hij in Parijs en maakte er kennis met hypnose en suggestie.
Fascinatie voor deze nieuwe vindingen inspireert Van Eeden tot het artikel ‘Het hypnotisme en de wonderen’ dat in december 1886 in het cultureel tijdschrift ‘De Nieuwe Gids’ verschijnt.
Het is dus niet verwonderlijk dat Van Eeden in juli 1887 Van Renterghem bezoekt om diens activiteiten te bekijken. Terwijl zijn Bussumsche collega tussen de andere nieuwsgierigen zit behandelt Van Renterghem een tiental patiënten. Hij maakt daarmee zoveel indruk op zijn bezoeker dat Van Eeden kort daarna voorstelt om samen een psychotherapeutische kliniek in Amsterdam te beginnen. Van Renterghem beseft dat zijn praktijk hem boven het hoofd is gegroeid en hoewel Van Eeden geen praktijkervaring heeft stelt Van Renterghem toch zoveel vertrouwen in zijn jonge collega dat hij instemt met diens voorstel.

Binnen een paar weken lukt het hen te starten met de eerste hypno-therapeutische kliniek in Nederland. Al op 15 augustus 1887 opent het Instituut voor psychische therapie haar deuren van de twee kamers aan het Singel 183. Het tarief is fl.3,00 per seance voor de ‘gewone burgerman’ en fl.1,00 voor ‘mindergegoeden’. De onderneming wordt door het publiek met ingenomenheid begroet en de toeloop van patiënten is weldra zo groot dat er ruimere lokalen nodig zijn. Ze vinden die in Hotel de Passage tegenover het Centraal Station. Ze huren er drie kamers die goed zijn voor twee behandelruimten en een wachtkamer.
In tegenstelling tot wat de artsen verwachtten loopt de praktijk in dit gloednieuwe hotel minder goed. Daarom verhuizen ze op 1 november 1889 naar Keizersgracht 258. Ze huren het pand voor vijf en een half jaar. Waarbij het achterhuis tot behandelruimte wordt bestemd en voor 1200 gulden ten laste komt van Van Renterghem en Van Eeden gezamenlijk. Er wordt behangen, ze kopen vulkachels en schaffen op een veiling meubels aan die dokters in gelijke delen betalen.

Van de praktijkruimte verdeeld over twee etages krijgt Van Eeden een zeer grote en twee kleine ‘patiëntenkamers. Daarnaast beschikt hij over een onderzoekskamer en een kolenhok.
Van Renterghem krijgt de in de lengte gesplitste grote zaal met drie vensters en de kleinere kamer met uitzicht op de tuin. De rest van het pand is voor de familie Van Renterghem die daarvoor Fl. 2000, – betaalt.

Het woongedeelte voor de familie Van Renterghem biedt ook voldoende ruimte voor een pension voor zenuwzieken waarmee vooral mevrouw Van Renterghem zich belast. Bij de inrichting van de kliniek wijken de hypnotherapeuten af van de oorspronkelijke eenvoud. De bekendheid die de artsen verwierven in binnen en buitenland is kennelijk aanleiding om tegemoet te komen aan de stadse smaak van het publiek. De grootste kamer van de kliniek wordt voorzien van een cirkelvormige canapé waarop niet-betalende patiënten gezamenlijk worden behandeld. Natuurlijk is hierbij ook ruim plaats voor belangstellende collega’s en aspirant-patiënten. Voor privé-patiënten zijn er aparte behandelkamertjes met elk een sofa. Het geheel ademt een sfeer van voorname rust uit.

IJverig bouwen de mannen aan hun kliniek èn aan de Nederlandse hypnosetraditie. Van Renterghem heeft een fijne neus voor public relations. Veertien dagen voor de opening van de kliniek verschijnt er van hem in De Nieuwe Gids een opstel over doctor Liébeault en de school van Nancy, als introductie van de nieuwe geneeswijze bij de geletterde wereld in Nederland. Op 29 september tot 1 oktober van hetzelfde jaar, wordt in Amsterdam het eerste Nationaal Natuur- en Geneeskundig Congres gehouden. Van Renterghem gebruikt dat om aan de in groten getale opgekomen geneeskundigen een overzicht te geven van het vraagstuk der therapeutische suggestie en hen de resultaten van zijn werk met de suggestieve geneeswijze mee te delen.
Niet minder dan 1000 exemplaren van zijn boekje deelt de hypno-propagandist uit onder zijn collega’s. Velen nemen graag de uitnodiging aan om de kliniek te bezoeken en zich te overtuigen van de goede uitkomsten van de hypnotische behandelingen. In de zes jaren dat Van Renterghem en Van Eeden samenwerken schrijven ze gezamenlijk twee boeken, een verslag van hun praktijk in 1887-1889 dat Van Renterghem voorleest tijdens het Eerste Internationaal Congres voor Hypnotisme in Parijs van 12-16 augustus 1889 en een verslag over de periode 1889-1893. Daarnaast verschijnen er tientallen artikelen van hen afzonderlijk en geven ze talloze lezingen over de hypno-therapeutische praktijk.

Eind juni 1893 stapt Van Eeden uit de samenwerking. Hij heeft genoeg van de sleur in de kliniek en wil zich meer bezighouden met de letterkunde. De huur is door Van Renterghem alleen niet op te brengen. Het gezin verhuisd naar een huis op de hoek P.C. Hooftstraat en de Stadhouderskade. Een praktijkruimte vinden daar vlakbij in de P.C. Hooftstraat. Die is een stuk kleiner maar Van Renterghem noteert: ‘Ik telde er niet minder triomfen’.
De verhuizing kost natuurlijk veel geld en ook de inrichting gaat de kas te boven. Een patiënte hoort van de geldproblemen en biedt aan 4000 gulden te lenen. Ze hoeft het bedrag niet terug en wil evenmin rente. Ze neemt genoegen met een vrije behandeling ten bedrage van de som en rente.

Hypnosepraktijk van Renterghem

Instituut Liébeault was oorspronkelijk een vrijstaand pand en had als adres Breestraat 1. Tegenwoordig is het ingebouwd en is het Breestraat nummer 10 waar drie financiële bedrijven gevestigd zijn. Hoe mooi zou het zijn als het pand in oude glorie hersteld werd en als hypnose-museum zou dienen!

Maar op den duur blijkt de praktijkruimte toch te klein en onhandig voor patiënten: de 52 treden tellende trappen vallen zwaar. Van Renterghem droomt dan al van een splinternieuw gebouw. Maar daar blijft het niet bij. Een patiënte hoort ervan en biedt hem de financiering aan van een nieuw te bouwen instituut, geheel naar zijn eisen en ideeën. Ze stelt het geld beschikbaar voor 20 jaar en Renterghem krijgt het recht op koop en afbetaling. De rente is voor die tijd een zeer schappelijke vijf procent. Eén voorwaarde stelt ze en dat is dat zij de architect mag aanwijzen.
Ze verzwijgt dat deze architect een gewezen verloofde is die de relatie beëindigde. De vrouw hoopt met deze opdracht de man voor zich terug te winnen. Als deze opzet mislukt bekoelt haar vriendschap voor Van Renterghem en zoekt ze haar heil bij dokter Arnold Aletrino. Maar dan zijn de papieren voor financiering en bouw al getekend zodat de droom van Van Renterghem toch in vervulling gaat. Een stuk grond aan de Amsterdamse van Breestraat wordt gekocht en de bouw gestart. Vooruitlopend op de nieuwe situatie verhoogd de hypnose-dokter alvast zijn tarieven. Het eerste consult kost voortaan 5 gulden (Was Fl.3,-), vervolgbehandelingen Fl.5,- Fl.3,- en Fl.1,50 voor respectievelijk patiënten uit de 1e,2een 3eklasse. Die tarieven waren Fl.3,-, Fl.2,- en Fl.1,50.

Op 1 november 1899 is het zover. De oude dokter Liébeault laat weten niet te kunnen komen om het naar hem genoemde gebouw te bekijken maar  talloze vrienden en persvertegenwoordigers komen wel en gedurende drie zondagen is de kliniek opengesteld voor bezichtiging door doctoren en oud patiënten. De vele bezoekers storten ettelijke guldens in een bus voor van de slachtoffers onder de Boeren tijdens de Boerenoorlog in Zuid-Afrika.

De naamgeving, de borstbeelden, foto’s en naambordjes laten zien dat Albert Willem Van Renterghem zichzelf niet ziet als eenzame uitbater van de hypnotherapie maar dat hij zich rekent tot een internationaal gezelschap van hypnosevoorvechters. De vele bezoeken van en aan zijn mede-hypnosepioniers dragen daar sterk aan bij.

©.2018, Johan Eland

Plattegrond huis van Renterghem

Plattegrond bovenverdieping. Met behandelkamers nummer 9 tot en met 23.

Plattegrond huis van Renterghem

Plattegrond benedenetage met acht behandelruimten. Aan alles is gedacht:Twee wachtkamers met daartussen de garderobe en plaats voor de fietsen.

Entree van Renterghem

Dit zag de patiënt in december direct bij binnenkomst. Op een ereplaats, tussen twee kerstboompjes, het borstbeeld van August Liébeault en natuurlijk ook zijn naambordje. Rechts een naam bordje van Edgar Berillon

Ballustrade van Renterghem

Balustrade bij oplevering in november. Rondom de balustrade hangen op de rand onder de spijlen naambordjes van collega hypnosedokters. Recht vooruit Hippolyte Bernheim. Links onder meer Joseph Delboeuf. Nog net zichtbaar de halfronde kamerschermen waarachter een divan staat waarop ‘mindergegoeden’ hun behandeling kregen.

Wachtkamer van Renterghem

Een van de wachtkamers. Ook hier werd de patiënt herinnerd aan de naamgever van de kliniek. Naast de deur in de ovale lijst een grote foto van August Liébeault.