Nogal wat onderzoekers naar de aard en toepassingsmogelijkheden van hypnose gebruiken geavanceerde apparaten die buiten het bereik liggen van de meeste hypnotherapeuten. Dat is jammer want zij zijn degenen die weten van de noden van hun patiënten en hebben veel praktijkkennis. Juist die kennis en ervaring zouden ze moeten inzetten bij onderzoeken.
Dat het ook kan zonder dure en zeldzame apparatuur bewees de Zweedse psychiater A. Mellgren. In zijn bijdrage aan het 5eInternationale Kongress für Hypnose und Psychosomatische Medizin in mei 1970 vertelde hij hoe je kunstenaars en artiesten kunt helpen met het verbeteren van hun kunst. Als arts verbonden aan het Königlichen Theater in Stockholm vroegen toneelspelers hem nogal eens om hulp als ze te kampen hadden met onrust, angst en concentratieproblemen voordat ze het toneel opgingen.

Plankenkoorts

“..Het gaat dus om plankenkoorts of een faalangst te bestrijden” verklaarde Mellgren. “Ongetwijfeld bestaat bij iedere artistieke handeling een motorische en emotionele spanning. Kalmeringsmiddelen in geringe doseringen en mentale stimulering leverden in veel gevallen een gunstig resultaat op. Hierbij moet je er aan denken dat hogere doseringen sedativa normaal gesproken niet het gewenste resultaat geven doordat de acteur te rustig is of helemaal ongeïnteresseerd raakt.
Hypnose is een buitengewone waardevolle behandelingsmethode bij zowel acute première-angst als bij langdurige ongemakken. Vaak gaat het om toneelspelers die het geloof in zichzelf kwijt zijn, die onzeker zijn en niet meer durven op te treden”.
Varken dat schildertMellgren erkent dat bij zulke gevallen je ook met therapie natuurlijk geen talent kunt ontwikkelen dat er niet is.
In zulke gevallen kun je beter de hypnose enkele uren voor de voorstelling gebruiken in de hoop dat er dan voldoende zelfvertrouwen voorhanden is maar dat tegelijkertijd de acteur juist die emotionele spanning terugkrijgt die voor het toneelspel bevorderlijk is. Tot nu toe is er over dit thema weinig gepubliceerd. Wel bestaan er beschrijvingen van de hypnotische werking bij Griekse bacchantes* en gevalsbeschrijvingen over zang en dans tijdens hypnose. Weinig hedendaagse wetenschappers pakten dit probleem aan maar definieerden het gewoonlijk als dwangneurose. Of je met hypnose en posthypnotische suggestie een goed effect op de artistieke prestaties kunt bereiken is nooit uitgezocht.

Betere kunstprestatie

Met het kleine onderzoek dat Mellgren aan het congres voorlegde wilde hij de vraag beantwoorden of het mogelijk is met hypnose en post-hypnotische suggesties een kunstenaar zelfverzekerd te maken en daardoor beter presteert. Ook wilde hij uitvinden hoe je het resultaat van een beter handelen objectief kunt beoordelen. Meestal is het gemakkelijk om met verschillende vormen van beïnvloeding te bereiken dat men zich tegen een opgave opgewassen voelt. Maar beoordelen of bijvoorbeeld een toneelvoorstelling verbeterd of verslechterd is gaat niet zo simpel.
Mellgren gebruikte in zijn onderzoek verschillende kunstvormen zoals zang, voordracht en muziek. Ook een groep schilders deed mee. In het definitieve onderzoeksplan bouwde hij een beoordeling in van de hypnose-effecten op dansers.
De relatief kleine groep bestond uit zeven toneelspelers die gedichten voordroegen, vijf zangers, acht muzikanten en tien schilders. Alle deelnemers waren erkend kunstenaar. Sommigen hadden een duidelijke motivatie voor de behandeling van hun angst, onrust en concentratiemoeilijkheden voorafgaand aan hun optreden. Anderen hadden geen nervositeitsklachten en enkelen deden op verzoek van Mellgren mee aan het onderzoek.
De deelnemers gaf hij eerst voorlichting over hypnose en de bedoeling. Degenen die niet eerder  gehypnotiseerd waren kregen als kennismaking vier hypnotische behandelingen om te voorkomen dat ze door onbekendheid met hypnose de resultaten zouden beïnvloeden. Geen van deelnemers aan het onderzoek viel af door moeilijkheden met de hypnose. Van de kunstenaars namen we een gedicht, een lied, of een muziekstuk op geluidsband op of vroegen hen een tekening te maken.

Posthypnotische suggesties

Daarna volgde een hypnose met een normale lichte tot middeldiepe trance waarin Mellgren posthypnotische suggesties voor rust en zelfvertrouwen gaf. Na het wekken van de patiënten uit hun hypnose sprak hij een kwartiertje met hen over alledaagse dingen.
Dan liet hij de kunstenaars hun eerder op de band opgenomen bijdrage herhalen. Daarbij gaf hij geen verklaringen of waaksuggesties en ook deze prestaties legde hij vast op de band.
Mellgren: ”Met drie personen deed ik nog wat anders. Ik suggereerde hen mislukkingen. Twee van hen beëindigden hun voordracht van een gedicht na enige seconden en verklaarden niets meer voor te lezen. Een schilder tekende een paar strepen en gooide daarna het penseel op de grond en begon mij uit te schelden. Daarom heb ik deze destructieve pogingen niet voortgezet.”
In een paar gevallen probeerde hij met ongerichte posthypnotische suggesties alleen voor een algemeen welbevinden te zorgen waarna die deelnemers een tekening maakten. Het resultaat wees op een meer passief welbevinden maar van meer belangstelling voor een beter resultaat bleek niks.
De artistieke resultaten op de twee geluidsbanden zijn door andere kunstenaars beoordeeld. Zij wisten niet wie aan de onderzoeking had deelgenomen of welke bandopnamen of tekeningen voor of na de hypnose gemaakt waren.
Uit hun beoordeling bleek dat vijf van de zeven toneelspelers hun gedicht na de hypnose beter voordroegen. Dat betekent dat andere mensen kunnen vaststellen of er een duidelijke verbetering is van een kunstproduct na hypnose met posthypnotische suggesties.
Schilderen van voor of na hypnoseVolgens de beoordelaars zongen de drie zangers na de hypnose beter. Van de acht instrumentalisten met viool, saxofoon of harp kregen er vijf voor hun prestatie na de hypnose een gunstiger oordeel, twee niet en één resultaat bleek niet te beoordelen. Uit de tien schilderijen kozen de beoordelaars negen doeken die de schilders na de hypnose maakten.
Dit betekent dat, als je geen onderscheid maakt tussen de verschillende kunstvormen, er maar liefst tweeëntwintig van de dertig deelnemers beter presteerden na hypnose, Een interessant detail is dat er in deze groep van tweeëntwintig veertien personen waren die wegens angst, onrust en onzekerheid naar Mellgren kwamen. In de restgroep die niet beter presteerde waren geen nerveuze patiënten maar alle mensen die om andere reden naar Mellgren kwamen en hij vroeg om aan het onderzoek mee te doen.
Het kan natuurlijk zijn dat de vraag om hulp voor een sterkere motivatie zorgde en die deelnemers daardoor beter presteerden. Dank zij dit onderzoek weten we nu dat je met hypnotische therapie een verbetering van kunst kunt bereiken. Vooral werkt dat bij mensen die door angst en onrust meer zelfvertrouwen voor hun optreden nodig hebben. Omdat dit onderzoek uitging van individuele behandelingen is over het succes van groepsbehandelingen niets te zeggen…” ©JE,2018

In de Griekse mythologie de vrouwelijke aanhangers van Dionysos, die hem vergezelden op zijn reizen. Zij worden meestal afgeschilderd als ‘bezeten vrouwen’  of ‘razenden’. Ze hielden uitzinnige dansfeesten waarbij ze in een wilde extatische roes raakten. Zij waren niet dronken van de wijn, maar deden zich te goed aan melk en honing.

Meer weten over hypnose? Neem dan deel aan een van onze gratis informatieavonden hypnose.